Brabants Dagblad

Op een gegeven moment zegt Thomas Acda: "Als ik in een theater ben en daar staat een jongen van zeventien die begint met: 'mijn vriendin is bij mij weg...' Dan haal ik m'n schouders op en denk: 'nou en?' Zo gaat dat immers als je zeventien bent.



Maar als er een vent van dertig staat die begint met: 'mijn vriendin is bij mij weg...', dan denk ik meteen: 'hoe zit dat precies? Zouden ze ook kinderen hebben? Hoe moet dat verder?' Dat is een geloofwaardige situatie. Dat vind ik uiteindelijk heel belangrijk, die geloofwaardigheid." En dat zegt ook veel over Nachtmuziek, het nieuwe album van Acda en De Munnik.
Her en der is wel gesuggereerd dat Acda en De Munnik met Nachtmuziek terug zijn gegaan naar de sfeer van hun eerste albums. Wie echter vlinderachtige liedjes in de sfeer van Het Regent Zonnestralen en Niet Of Nooit Geweest verwacht, komt bedrogen uit.
De nieuwe plaat is zwaarder en torst de sores van mannen van rond de veertig met zich mee: scheiding van een geliefde, vechten tegen de sleur en steeds meer mensen om je heen die dood gaan. Maar nog altijd gevangen in die twee karakteristieke Acda en De Munnik stemmen - melodie en contra-melodie, zoals Thomas het uitdrukt. Minder lichtvoetige pop weliswaar, maar voor veel generatiegenoten ongetwijfeld herkenbaar en, jawel, geloofwaardig.
"We zijn natuurlijk ook tien jaar ouder dan destijds" , zegt Paul de Munnik. "Zelf heb ik het gevoel dat we de centrale thema's die al vanaf het begin in ons werk zitten - liefde, vriendschap en dood - nog niet eerder zo treffend in veertien liedjes hebben weten te vangen."
"Zo'n lied als Het Regent Zonnestralen ging destijds ook al over onszelf" , vult Thomas Acda aan. "Maar we verpakken de dingen nu gewoon minder in verhaaltjes." De Munnik: "Misschien hebben we ook wel minder behoefte aan metaforen." Vooral Acda gaat diep in de liedjes die hij voor Nachtmuziek schreef. Een kleine twee jaar geleden liep zijn huwelijk stuk, waarover in de daarin gespecialiseerde bladen al uitgebreid werd geschreven.
Terwijl podiumpartner Paul de Munnik samen met J.P. den Tex en Kees Prins in de schouwburgen een 'polder-Crosby Stills & Nash-droom' waarmaakte met de voorstelling 'Terug naar Huis', ging Thomas eerst naar New York om een filmscenario-workshop te doen en vervolgens de emotionele en relationele scherven bijeen te vegen.
Het resultaat daarvan is in veel van de nieuwe liedjes te horen. Soms klinkt hij ronduit sarcastisch, waar het het 'huwelijksgeluk' betreft, soms weemoedig. Op andere momenten geeft hij zichzelf een stevige schop onder de kont. Opmerkelijk genoeg begint het album met een overduidelijke muzikale knipoog naar het Beach Boys-nummer Sail On Sailor. Dat liedje gaat er over dat het leven gewoon door gaat - en moet gaan - ondanks zwaar weer en wat er verder op je pad komt. Nogal wat Acda-teksten hebben een vergelijkbare strekking. De mens die altijd weer opnieuw koers zet richting geluk, zoiets.
"Je bevindt je immers vrijwel altijd in de tussenfase" , zegt Acda. "Je hebt het geluk net achter je gelaten of je bent er naar op weg. Mensen die die tussenfase niet kennen zijn doorgaans manisch depressief."
Eind jaren negentig kregen de liedjes van Acda en De Munnik het etiket 'cabarock' opgeplakt.
Niet echt 'rock 'n roll', maar te stevig in de popmuziek verankerd om bij het 'theaterlied-genre' te worden ingedeeld. "Wat wij altijd het mooist hebben gevonden is toch de popmuziek" , zegt Paul de Munnik. "Dingen als Simon & Garfunkel of Crosby, Stills & Nash, daarin begrepen wij elkaar. Alleen hebben wij ervoor gekozen om die muziek in het theater te brengen."
Het dilemma was dat het duo op het tweede album Naar Huis een gouden formule gevonden leek te hebben, maar die formule werd na enkele platen ingeruild voor een meer 'rockende' aanpak die minder succesvol bleek. "Ja, daar waren we ons van bewust" , zegt De Munnik. "Maar je moet toch durven veranderen. Je moet vooruit." Aan de nieuwe theatervoorstelling, op basis van de liedjes van Nachtmuziek, die tot half juni 2008 in de schouwburgen is te zien, wordt nog volop gewerkt.