Thomas Acda en Paul de Munnik beginnen met een 'voorgift'. Om tien over acht gaat de zaaldeur open. De Munnik zit met zijn rug naar het publiek toe achter de vleugel. Acda speelt gitaar, gezeten op een kruk. Ze jammen, terwijl het publiek op zoek is naar de juiste stoel. Het is rommelig, rumoerig, kroeg-achtig. De sfeer en de vaart zitten er direct in.
Na de eerste drie à vier songs, richt De Munnik zich tot de zaal. Met een klein changement wordt de illusie gewekt van een zolder/repetitieruimte. De vleugel wordt verplaatst en er wordt nonchalant 'rondgestrooid' met sinaasappelkistjes. David Middelhof komt op en wordt voorgesteld. Hij zal de rest van de voorstelling een bescheiden, doch niet onopgemerkte rol spelen als bassist en vocalist.
Acda bewijst een boeiend verteller en een goede stand-up comedian te zijn. Hij komt met een absurd verhaal over zijn eerste ontmoeting met De Munnik en zijn fascinatie voor het meisje Geurtje. Zijn humor is gortdroog en goed gedoceerd. Elke zin brengt een gniffel voort; op het juiste moment afgewisseld met een schaterlach.
De gesproken teksten over vrouwen, kroegen, jeugdherinneringen en muziek gaan naadloos over in de poëtisch getinte liedjes. Natuurlijk worden alle hits 'gedaan'. En dat zijn er heel wat inmiddels: 'Als het vuur gedoofd is', 'Laat me slapen', 'Niet of nooit geweest', 'Het regent zonnestralen'. Maar ook een redelijk onbekend liedje over een jeugdliefde ('Bij haar zijn') oogst veel bijval.

Ongelooflijk
Het grenst aan het ongelofelijke wat dit duo presteert. Zij zijn niet alleen eersteklas muzikanten, zangers en tekstdichters, maar weten hun materiaal ook over te brengen als de beste. Hun tweestemmige zang is oorstrelend. Het is slechts zelden het geval dat een (pop)groep of zanger live even goed klinkt als op cd. Dit is met Acda en De Munnik wél het geval. Bovendien straalt het spelplezier er van af.
Als een rode draad door het programma loopt de dood van John Lennon. Een gebeurtenis die in 1980 plaatsvond en die uitwerking had op de jonge Acda en De Munnik. Niet voor niets is de titel van het programma een uitspraak van Lennon, die in zijn geheel luidt: 'Life is what happens to you when you're busy making other plans'.
Plannen hebben de jeugdige Acda en De Munnik volop. Om geld te verdienen voor sinterklaas cadeautjes beginnen ze de eerste fonoteek van Nederland met jazz-platen van hun vaders. Omdat niemand geïnteresseerd blijkt te zijn in Frank Sinatra of Sarah Vaughan, bedenken ze iets anders. Kinderen uit de buurt komen hun platen brengen en die worden gratis uitgeleend aan liefhebbers. Probleem is dat de jonge ondernemers daar weinig geld aan overhouden. Een volgend plan is: boetes innen voor te laat terugbrengen. Dat levert uiteindelijk emmers vol guldens op.
Dit blijkt de aanleiding voor beide kameraden om in de muziekbusiness te gaan. En plotseling zijn ze dan beroemd. Ze gaan naar Mallorca om daar mede te werken aan een zomereditie van 'Arbeidsvitaminen'.

Geurtje
Via een genadeloze persiflage op het radioprogramma en presentator Wim Rigter, komen we weer terecht bij Geurtje.
Acda, met zijn motorisch gestoorde bewegingen, is op zijn best in zijn Bijna-verdronken verhaal. Een stoer vertelsel over 'het leven dat als een film aan je voorbij flitst' in de laatste seconde van je bestaan.
De studentikoze, kwajongensachtige humor van Acda en De Munnik spreekt vooral een jong publiek aan. Het jongeren gehalte lag dan ook hoog, vrijdagavond in De Veste. Maar ook voor dertigers, veertigers, vijftigers en verder iedereen met een open mind is deze voorstelling een aanrader. Men komt er zeker fluitend vandaan. Alleen... een toegift zit er niet in.


Bron: Delftsche Courant