Midden twintig

Omdat je als generatie zonder problemen niet meer meetelt, en elke leeftijd zijn makken heeft, bespreekt AiO Rengers (zelf 25) de gewetensvragen die de midden twintiger bezig houden. Of spelen de sentimenten op? Hoe een eenvoudig hitje kan leiden tot levensbeschouwelijke bespiegelingen.

Thomas Acda en Paul de Munnik surfden op de toppen van de golven van de plots weer populaire Nederlandstalige muziek naar een sterrenstatus. Gillende meisjes, een videoclip in New York, Veronica, je zou bijna vergeten dat de twee cabaretiers ook mooie liedjes schrijven. Je zou ook bijna vergeten dat het publiek - naast de hitkrantlezeressen en de theaterabonnementen uit Ede - veel studenten en een enkele AiO telt. Je zou ook bijna over het hoofd zien dat de liedjes, stammend uit het theater, ergens over gaan. Zo waren de critici unaniem in hun oordeel dat "Als jij bij mij weggaat, mag ik dan met jij mee" een van de mooiste refreintjes van de afgelopen jaren was. Toch raakt de boodschap enigszins ondergesneeuwd onder de bergen publiciteit. Dat geldt ook voor de openingssong van hun 2e CD, "Als het vuur gedoofd is."

Een man met alles wat je hebben kan
Vrouw, kind, auto, baan
Zo’n baan
Maar Herman wilde het ooit anders
En denkt daar nu al maanden aan

Herman, de man die in het Vondelpark zijn leven overdenkt, is perfect getypeerd. "Hij denkt aan wat ‘ie wou, hij denkt ik was te laf." Het zingt makkelijk mee, bovendien. Acda en de Munnik zijn geen moeilijke Amerikanen, die rappen over het leven in het getto, of raggende hippies op vals gestemde gitaren. En het gaat ergens over. Over gemiste kansen. Over keuzes en niet kiezen. Over de economie van midden 20, zeg maar. Vandaar die studenten tussen de gillende meisjes. Vandaar die vertwijfelde AiO, brullend boven een plastik bierglas.

Het schrikbeeld van Acda en de Munnik bevat namelijk meer waarheid dan we op het eerste gezicht zelf willen toegeven. Meebrullen, dat is makkelijk, maar er over nadenken wil nog wel eens tot ongemakkelijke gevoelens leiden. Vage plannen en grote ambities raken nu eenmaal snel bedolven onder de beslommeringen van alledag. En na verloop van tijd wordt de gemiste kans vanzelf weer goed gepraat. ‘Geen zin in,’ ‘niet voor mij weggelegd,’ de excuses liggen voor het oprapen. Maar pas op:

Was het niet gisteren
Dat ik aankwam hier
Pas achttien jaar jong?
Zou ik niet feesten, zuipen, reizen
Zou ik niet doen wat ik ooit zong?

Daar sta je dan. Vol plannen verhuisd naar Utrecht. Na drie mislukte kamers uiteindelijk een plek gevonden. Keer na keer stel je de heftige feesten uit tot na dat volgende tentamen. Kaken op elkaar, wanneer je eigenlijk wilt gillen, en lekker meedoen met het studentengedoe. Volgende week kan dat nog, daarvoor eerst een bestuurtje lopen, commissie bestieren, investeren in de toekomst. Het knaagt ook niet echt, want het altijd nog. Of niet?

Maar reizen kan niet meer
Dat had ‘ie mooi gedacht
Ja, reizen terug naar huis
Want er wordt met het eten gewacht

De AiO’s en gevorderde studenten hinken ietwat ongemakkelijk van de ene voet op de andere. Die grote reis, prachtige kamer, en spannende filmster staan toch nog gewoon op het verlanglijstje. En wat op je verlanglijstje staat, dat krijg je uiteindelijk toch?

De economie van midden twintig is kortom vol valkuilen. Investeren, regelen, vooruit kijken, rijbewijs halen, solliciteren, organiseren, je hebt er al snel een dagtaak aan, zonder dat je veel tijd overhoudt om stil te staan bij de carrousel waar je in terecht bent gekomen. Deels is dat prettig: als je de ellende echt op je in laat werken, trek je deur waarschijnlijk meteen achter je dicht.

Niettemin kan het geen kwaad om af en toe over de afgrond te kijken. Even die bunjee jump te wagen. Gecalculeerd of niet, maar even geen Heidelberglaan, even geen bus 12, even geen commissievergadering, even geen gezeik. Doordenderen levert namelijk weinig meer op dan Acda al zong:

Als het vuur gedoofd is
Dan komen de wolven

En mocht je toevallig geen tijd hebben, je niet lekker voelen, of geen zin hebben, dan kun je altijd nog Radio Noordzee Nationaal opzetten, flink doordrinken, en meebrullen zodra Acda en de Munnik langskomen.

Wat dat oplevert? In ieder geval laat het drukkende gevoel je tijdelijk met rust, en wie weet heb je tegen het eind van de avond een verhaal voor de Signifikrant getikt.

Alsof dat niet oplucht...


Tekst: Merijn Rengers
Bron: www.fss.uu.nl