Amsterdam CS

De zoete geur van ijzer, kiezel
Staal, beton en steen
Het station een kathedraal
Al die ruimte om me heen
Met moeite springt de wijzer van de klok naar tien voor een
En ik denk aan jou

Een trein vertrekt
Traag verplaatst de motor het gewicht
Een man, het werken moe
Haalt zijn hand over zijn gezicht
Mijn hoofd valt in mijn nek, mijn ogen vallen dicht
En ik denk aan jou

Ik denk aan jou, hoe jij hier stond
Hoe je lieve lach verbleekte
Ik proef de tranen op mijn mond, ik zie je ogen die me smeekten
Maar o, wat kon ik doen, wat kon ik doen??
O, wat kon ik doen, wat kon ik doen..

Het landschap trekt voorbij,
De lucht is zwart, het gras is grauw
De trein brengt mij weer terug naar degeen van wie ik hou
Maar het spoor hiernaast raast met dezelfde snelheid terug naar jou
Terug naar jou