Lied Zonder Paard

Op een dag ben ik weg en ik ga niet meer terug
Ik ben weg en ik kijk niet om.
Er zijn lichten en borden en pijlen die ik volg,
Ook al weet ik niet waarom
Er zijn kraaien die schreeuwen en meeuwen die krijsen,
Ze wijzen me naar wat ik zoek…
Er is belofte in de lucht en belofte op de weg,
Er liggen kansen op elke hoek

En ik ben al zo lang met mezelf onderweg
Als een duif in de lucht zonder til
Ik vind tegenslag, regen, ellende en pech
Want ik ben al zo lang met mezelf onderweg

La la la…

En een vrouw met een wit gezicht doet de gordijnen dicht,
Weet wat ik nodig heb
Ze is kouder dan ijs, maar wel ouder en wijs…
En ze weeft me in haar web
Ze zegt: "Maar ik ben je vrouw en ik blijf je trouw.
En ik weet precies wat je wil."
Maar hoe mooi het ook klinkt en hoe mooi ze ook zingt,
In mijn hart blijft het ijzig kil…

En ik ben al zo lang met mezelf onderweg
Als een hond in een park zonder baas
Ik vind tegenslag, regen, ellende en pech
Want ik ben al zo lang met mezelf onderweg

La la la…

Maar waar is mijn God, mijn Mohammed, mijn Boeddha,
Mijn man van het ware woord?
Degeen die me optilt en drukt aan zijn borst,
En al mijn gebeden verhoort…
Waarom ben ik ooit geworden wie ik ben?
Waar verloor ik de ziel van een kind?
Waarom moet ik zoeken, moet ik zoeken naar iets,
Waarvan ik weet dat ik het nooit vind?

En ik ben al zo lang met mezelf onderweg
Als een held in een lied zonder paard
Ik vind tegenslag, regen, ellende en pech
Want ik ben al zo lang met mezelf onderweg

La la la…